© 2020 by Tax6 LLP  | 

De Belastingdienst komt (digitaal) naar je toe deze zomer!


De belastingdienst gaat ook met haar tijd mee. In een steeds meer digitale omgeving is het logisch dat de dienst haar controleaanpak aanpast aan de mogelijkheden die er nu zijn. Voor de belastingplichtige is het dus des te meer van belang om te weten wat nu de spelregels zijn waaraan een controle minimaal dient te voldoen, al ware het maar om niet voor verassingen komen te staan die achteraf met een hoop kosten weer hersteld moeten worden.

Een voorbeeld uit de praktijk dat wij de laatste tijd steeds vaker zien:

De inspecteur vraagt alle bestanden digitaal op. Hij analyseert de boekingen op afwijkingen. Daarna komt hij op bezoek en vraagt op basis van een (statistisch verantwoorde) steekproef enkele fysieke stukken op. Als blijkt dat deze stukken onjuist zijn wordt geconstateerd dat daarmee een statistisch verantwoorde afwijking is gevonden en worden aanslagen opgelegd waarin de gevonden afwijkingen worden toegepast op hele tijdvakken.

Dan is het leed geschied. Het is aan de ondernemer om te bewijzen dat de constateringen onjuist zijn en in welke mate dat het geval is. Wij zijn het uiteraard met deze gang van zaken niet eens. Des te belangrijker wordt het om zorgvuldig naar het proces van de controle te kijken.

Het is op de eerste plaats belangrijk om te weten met welk doel een fiscale controle wordt ingesteld. In de praktijk zal de Belastingdienst veelal een vooraankondiging doen. Daarin moet dit doel worden vermeld. Meestal betreft het een onderzoek naar de juistheid van de door de ondernemer ingediende aangiften. Hierbij moet de inspecteur aangeven om welke soort belastingen het gaat en of sprake is van een volledig dan wel een deelonderzoek (bijvoorbeeld: de aanvaardbaarheid van de voorbelasting over het tijdvak januari t/m maart 2017). In de aankondiging moeten de tijdvakken waarover de controle wordt ingesteld worden opgenomen. De inspecteur kan tijdens de controle besluiten om de tijdvakken uit te breiden. Hij moet daarvoor een aparte brief verzenden.

Waarom is dit nu van belang?

Je moet voorbereidingen treffen om het onderzoek soepel en snel te laten verlopen (bijvoorbeeld stukken bijeenleggen en besluiten of de adviseur wel of niet aanwezig moet zijn bij het begin of tijdens het onderzoek). Bovendien speelt het opgewekt vertrouwen een rol. Een post die is beoordeeld en akkoord bevonden in het onderzoek kan niet in een later jaar alsnog worden gecorrigeerd.

Een onderzoek kan ook anderen dan de ondernemer zelf betreffen, een derdenonderzoek. In dat geval gebruikt de inspecteur de administratie om gegevens van derden te achterhalen (bijvoorbeeld of een factuur van een levering aan u die bij u geboekt is ook bij die derde in de administratie staat).

Het onderzoek zelf

Het onderzoek begint meestal met een kennismakingsgesprek. Tijdens dit gesprek komen een aantal zaken naar voren zoals de tijd die het in beslag zal gaan nemen, wat onderzocht wordt en worden eerste vragen gesteld. Tegenwoordig zien wij steeds vaker dat de inspecteur voorafgaand aan dit gesprek al digitale bestanden heeft opgevraagd en verwerkt. Wij adviseren altijd om een fiscaal jurist aanwezig te laten zijn bij het begin van de controle, vooral omdat antwoorden tijdens het kennismakingsgesprek vaak een belangrijke rol spelen bij de conclusies uit een onderzoek.

De opgevraagde informatie moet eenvoudig bereikbaar zijn voor de Belastingdienst. Bedenk dat de inspecteur niet zomaar zelfstandig mag gaan zoeken naar allerlei zaken. Probeer altijd hetgeen wat is opgevraagd zo exact en volledig mogelijk te verstrekken.

Houdt er rekening mee dat sommige informatie niet zonder meer gegeven hoeft te worden. Dat kan van invloed zijn op eventueel op te leggen boetes.

Wat als gevraagde informatie niet gegeven wordt of niet gegeven kan worden?

Dan de inspecteur een informatiebeschikking opmaken. Daarin vertelt hij welke informatie hij mist en waarom deze informatie van belang is in het onderzoek. Wordt niet aan de verplichtingen voldaan dan kan de inspecteur overgaan tot het omkeren van de bewijslast. Daardoor ontstaat een veel lastigere bewijspositie. Tegen de informatiebeschikking staat bezwaar en beroep open.

Met wie mag de controlerende ambtenaar in gesprek gaan?

Het is verstandig afspraken te maken over de vraag tot wie de controlerende ambtenaar zich kan wenden voor bepaalde informatie. Zo voorkom je dat de ambtenaar informeel contact legt met mensen uit de onderneming. Verklaringen van medewerkers kunnen zo onbedoeld een rol gaan spelen in een onderzoek. Vaak is een (deel)onderzoek ter plaatse na een dag al klaar. Voor een volledig onderzoek is vaak wat meer tijd nodig. Dit is afhankelijk van de grootte van de onderneming en de aard en omvang van de administratie. De volgende fase

Nadat de inspecteur zijn onderzoek ter plaatse heeft afgerond worden de bevindingen neergelegd in een conceptrapport. In de rapportage geeft de inspecteur aan of er corrigerend wordt opgetreden en hoe hoog de correcties zijn. Ook kan in deze fase al aangegeven worden dat er een boete zal worden opgelegd. Dit document wordt aangeboden en vervolgens wordt de gelegenheid geboden hierop te reageren. De inspecteur is overigens niet verplicht om een reactie te vragen. Maar omdat het gaat om een concept kan de reactie nog tot bijstellingen leiden.

Daarna maakt de inspecteur het definitieve rapport met zijn bevindingen op. Hierin vermeldt hij of en in hoeverre sprake zal zijn van correcties. Daarnaast wordt in dit rapport vaak vermeldt dat een boete zal worden opgelegd en waarom dat de inspecteur vindt dat een boete aan de orde is.

Tot slot legt de inspecteur, als dat aan de orde is, aanslagen op en stuurt hij een beschikking voor de boete. Daartegen kan dan formeel bezwaar worden gemaakt. De inspecteur is dan ook weer formeel verplicht te reageren op de bezwaren.

Het controlerapport kan ook een intern memo bevatten. Dit interne memo vormt eigenlijk een set aantekeningen van de inspecteur die hij van belang acht voor het onderzoek. Hierin kan hij bijvoorbeeld opnemen welke bewijsmiddelen hij (nog) niet heeft gebruikt en waarom dit het geval is. Het interne memo is niet openbaar.

Onze tips:

  • Vraag of het onderzoek u zelf betreft of dat sprake is van een derdenonderzoek

  • Zorg dat bij een onderzoek duidelijk is om welke tijdvakken en welke

  • Bereid het onderzoek zelf goed voor, wees beducht op de vragen die gesteld gaan worden

  • Schakel bij het inleidend gesprek bij voorkeur een adviseur, liefst een fiscaal jurist, in

  • Bekijk bij het afgeven van stukken of deze unieke informatie bevatten die van invloed kan zijn op de boete

  • Maak afspraken met de controlerende ambtenaren over de mogelijke gesprekspartners en de momenten waarop in contact getreden kan worden

  • Vraag om toezending van het conceptrapport

  • Zorg dat tijdig gereageerd wordt op eventuele aanslagen en beschikkingen inzake de boete.

#belastingcontrole #winst #boete #controlerapport #digitaalcontroleren